Home

Het brandcompartiment en de opslag van gevaarlijke stoffen: de feiten op een rij
Geschreven door Peter van Doesum, Denios   
donderdag 31 mei 2012 15:44

De vereiste brandwerendheidsduur van brandcompartimenten voor de opslag van (brand)gevaarlijke stoffen varieert in Europa van land tot land. De wijze waarop de brandwerendheid wordt bepaald is voor alle EU landen gelijk. Als Europees producent van brandcompartimenten voor de opslag van gevaarlijke stoffen vinden wij de introductie van de Europese normen – en de integratie daarvan in nationale wet- en regelgeving – bijzonder verstandig. Het betekent dat producten niet meer in elk land afzonderlijk, en op basis van (verschillende) nationale normen, ontwikkeld en getest hoeven worden.

Om een tot een Europees gestandaardiseerd brandcompartiment te komen, dient men rekening te houden met de strengste nationale eisen die van toepassing zijn in een Europese lidstaat. Wat brandwerendheid aangaat is dat sinds 1 januari 2011 Frankrijk: daar geldt een brandwerendheidsduur van 120 minuten op basis van de criteria R E I. Voor constructieve eisen, ten aanzien van bijvoorbeeld sneeuwlasten en windlasten, worden er weer in andere Europese landen zwaardere eisen gesteld.

Eén brandcompartiment
Omdat de toetsingscriteria voor de EU gelijk zijn, en de testinstituten voor het betreffende onderzoek Europees geaccrediteerd dienen te zijn, kan er één brandcompartiment gerealiseerd worden dat specifiek geschikt is voor de opslag van gevaarlijke stoffen, mits wordt voldaan aan de hoogste nationaal bepaalde eisen.

WBDBO
Voor het bepalen van de brandwerendheid is in Nederland het begrip WBDBO van toepassing, wat staat voor ‘Weerstand tegen Brand Doorslag en Brand Overslag’. De WBDBO bevat twee aspecten: de weerstand tegen branddoorslag en de weerstand tegen brandoverslag.

De weerstand tegen branddoorslag wordt bereikt door brandwerende (scheidings)constructies. De weerstand tegen brandoverslag wordt bereikt door afstand tussen ruimten. De WBDBO moet volgens het Bouwbesluit worden bepaald overeenkomstig NEN 6068. Voor het bepalen van de brandwerendheid is de NEN 6069 van toepassing.

Kubus
Gezien de bijzondere gevaarsaspecten in situaties waar (brand)gevaarlijke stoffen aanwezig zijn, zijn er aanvullende maatregelen vereist ten opzichte van het Bouwbesluit en het standaard bouwkundig compartimenteren. Een brandcompartiment moet worden gezien als een kubus die ‘rondom’ (wanden, gevels, afdekking en constructie) dezelfde brandwerendheid heeft, bepaald vanaf 2 zijden. 

Voor wanden, daken en draagconstructies zijn de EN 13501-2 en de criteria R E I van toepassing. Deuren moeten voldoen aan de EN 1634-1 en de criteria EI, waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen EI-1 (Nederland en België) en EI-2 (rest van Europa). Het verschil zit ‘m in de verplichte meetlocaties op het deurblad. Bij het ‘strengere’ EI-1 criterium is de afstand van het meetpunt ten opzichte van de rand van de deur 25 mm horizontaal en verticaal, bij het EI-2 criterium is dat 100 mm.

Brandwerendheidsduur
In Nederland en België is de minimumeis 60 minuten, in Duitsland, waar tot 2011 de zwaarste eisen van toepassing waren, wordt een brandwerendheid geëist van 90 minuten. Frankrijk doet daar dus nog een schepje bovenop: 120 minuten.

Opslag
In de regelgeving voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen en/of CMR-stoffen zijn maatregelen opgenomen om tot een aanvaardbaar veiligheidsniveau te komen. Daarbij is in Nederland een onderscheid gemaakt tussen kleine opslagen met een capaciteit tot en met 10.000 kg en grote opslagen waarin meer dan 10.000 kg mag worden opgeslagen. 

Voor deze laatste categorie gelden aanvullende eisen op het gebied van branddetectie, brandbestrijdingssystemen en bluswateropvang voorzieningen. Juist deze aanvullende eisen maken de materie complex en de investering hoog.

Door te compartimenteren tot maximaal 10 ton per brandcompartiment zijn deze aanvullende voorzieningen niet van toepassing. Naast een optimale brandbeveiliging zorgt het compartiment voor begrenzing en beperking bij het ontstaan en het ontwikkelen van de brand. Hierdoor blijft de gevolgschade beperkt tot de inhoud van het compartiment en hoeft de productie niet- of minimaal te worden onderbroken bij een calamiteit.

Het Europese brandcompartiment
Voor de ontwikkeling van een in alle EU lidstaten toe te passen brandcompartiment voor (brand)gevaarlijke stoffen waren niet alleen de hoogste technische eisen bepalend, ook de verplaatsbaarheid van het compartiment was van groot belang. Het grootste compartiment moest met een dieplader door Europa vervoerd kunnen worden. Hiermee kon worden ingespeeld op continue wisselingen van productieprocessen binnen de chemische, petrochemische en farmaceutische industrie in Europa. 

Desinvesteringen in bouwkundige opslaggebouwen met zeer kostbare brandbestrijdingssystemen en bluswateropvangvoorzieningen zijn niet meer nodig. Bovendien is het compartimenteren in kleinere ruimten met een hoog brandwerendheidsniveau aanzienlijk veiliger en is tegelijkertijd de productie op locatie gewaarborgd, mocht er toch iets mis gaan.

Gaat men reorganiseren of wordt de productie om andere redenen verplaatst binnen Europa, dan worden de brandcompartimenten op een dieplader gezet en waar ook maar wenselijk geplaatst. DENIOS is gevestigd in 14 Europese landen, u bent dan ook gewaarborgd van een servicepunt in de buurt en de kans is groot dat bij herplaatsing een DENIOS-specialist ter plekke is en instructies geeft aan uw collega’s in hun landstaal.

Peter van Doesum, Denios
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
www.denios.nl

 

Video van de week

Video van de week

Schermafbeelding 2018 06 27 om 14.13.52

Boyan bedacht opruimsysteem voor plastic

Partners

  • Partner van MilieuFocus
  • Partner van MilieuFocus
  • Partner van MilieuFocus

Nieuwsbrief


Realisatie door WELLdotCOM - ICT Solution Provider & Joomla! Professionals